creatie

‘Elk verhaal begint’ met Lara Taveirne: “Degelijk onderzoek doet clichés verdampen”

22 september 2025

Op 19 september kwamen de negen deelnemers aan het tweejarig schrijftraject ‘Elk verhaal begint’ samen in het Antwerpse Letterenhuis. Onder de vleugels van Lara Taveirne lieten ze zich inspireren door archiefstukken. Grondig onderzoek doen voor je begint met schrijven, behoedt je namelijk voor clichés.

‘Elk verhaal begint’, het groeitraject voor literaire makers, is negen maanden bezig. De deelnemers komen regelmatig samen met hun mentor, wisselen in de genre-groepjes (proza, podiumliteratuur en jeugd) werk uit of volgen – zoals vandaag – een gezamenlijke workshop. Sommigen zijn goed op dreef met hun persoonlijke project. Zo onderzoekt Xander Kindt, deelnemer proza, de curves van seksualiteit en het schrijven in een tekst die springt tussen fictie en essay. Rilke beweerde immers dat die gelijklopen.

Mijn mentor Sofie Vandamme van De Letterie geeft nuttige feedback, vooral stilistisch. Want het blijkt een uitdaging om erotisch maar smaakvol te schrijven. – Xander

De mentoren durven alvast (zachtjes) te duwen waar het pijn doet. Zo vertelt Siham Machkour, deelnemer podiumliteratuur, hoe mentor Tilke Wouters van TRILL haar positief uitdaagt: “Op het podium mag ik mezelf niet verstoppen, dat lukt toch niet. Er moet helderheid komen in mijn teksten, maar vooral in mijn hoofd: ik zoek nu volop naar mijn identiteit, mijn overtuigingen.”

Het Vlaamse literaire geheugen

Lara Taveirne, die vandaag de groepsbijeenkomst leidt, begint met geruststellende woorden: “Ik hoor dat jullie geplaagd worden door de ‘productiviteitsduivel’, maar dat hoeft niet. Je bent niet alleen aan het werk als er woorden op papier verschijnen. Schrijven doe je ook op straat! Er gebeurt veel in je hoofd, zelfs wanneer je niet aan je bureau zit.”

Taveirne heeft zes boeken op haar naam; het autofictionele ‘Wolf’ werd vorig jaar een bestseller. Ze is dus goed geplaatst om advies te geven.

Verdiep je in de dingen, dan komt de inspiratie vanzelf. Schrijf geen voorgekauwde verhalen of voor de hand liggende observaties. Je moet in detail gaan en het zo specifiek mogelijk maken. Clichés verdampen door degelijk onderzoek. – Lara

Het Letterenhuis bewaart én ontsluit het Vlaamse literaire erfgoed. Geen betere plek dus voor een onderzoeksgedreven workshop. Als ‘geheugen van de Vlaamse literatuur’ bewaart het Letterenhuis zo’n 4,5 kilometer geschreven bronnen, of 2 miljoen brieven en handschriften, 150.000 foto’s en 65.000 affiches. Het digitale archief groeit en heel wat collectiestukken zijn intussen online raadpleegbaar. Toch blijft een fysiek bezoek erg inspirerend, zoals de groep vanmorgen ontdekt.

Boeken en baby’s: combineerbaar?

Aan het begin van haar rondleiding benadrukt Diane ’s Heeren, publiekswerker in het Letterenhuis: “We zien onze taak niet als een louter bewaren. We stimuleren een levendige omgang met onze collectie. Zo bieden we werkruimte aan schrijvers en literaire organisaties, we organiseren boekpresentaties en voordrachten in onze publieksruimte en verwelkomen onderzoekers in onze leeszaal. Elk jaar stellen we bovendien een thema-expo samen, waarbij we archiefstukken tentoonstellen rond een herkenbare, actuele vraag. Het huidige thema is ‘Moeders’ en peilt naar de haalbaarheid om moederschap en schrijverschap te combineren.”

Dat thema komt onder andere aan bod in het archief van Maria Rosseels. Het resoneert ook binnen de groep. Zo heeft Lynn Lambrechts, deelnemer jeugd, een zoon en een dochter: “Ik werk aan een avontuurlijk verhaal voor lezers van 8 tot 10 jaar, waarin een meisje een magische wereld ontdekt. Mijn kinderen zijn een goed testpubliek, hun interesse moedigt me aan. Ik denk dat de moeder en de schrijver in mij elkaar versterken.” Lynn is optimistisch zonder te romantiseren.

Zo’n ‘dubbelleven’ zet natuurlijk druk op je tijdsbesteding. En voor diepgaande feedback kijk ik eerder naar mijn mentor dan naar mijn kinderen (lacht). Met de hulp van Ingrid Tiggelovend van Studio Sesam zoek ik uit hoe ik mijn magische wereld kan structureren. – Lynn

Levens in een doos

Van de thema-expo trekt de groep naar het archief, onder leiding van collectievormer Yara Veyt. De eerste halte is het transit-depo. Yara: “Hier staan allerlei dozen die auteurs recent aan ons hebben overgedragen, soms bij hun verhuizing of bij de afronding van hun oeuvre, soms bij hun overlijden. Elke doos bevat brieven, dagboeken, foto’s of vroege versies van literaire werken, op papier of digitaal. Wij checken en sorteren de inhoud: het papier mag bijvoorbeeld niet beschimmeld zijn. En we beschrijven alles, zodat de archiefstukken vindbaar zijn. Dat is een intensief proces, onze vijf archivarissen en vele vrijwilligers verwerken jaarlijks zo’n honderd meter archief.”

De groep wandelt tussen rijen en rijen van archiefkasten, geordende mappen, genummerde dozen … Het gewicht van zoveel woorden hangt bijna tastbaar in de lucht. “Mijn favoriete stuk”, bekent Yara, “is een oorlogsdagboek van Alice Nahon. Ze wordt vaak herinnerd als een wat zoetsappige dichteres. Maar ze had hechte connecties onder de avant-gardisten.” In elke doos in het Letterenhuis zit een leven, zo simpel en tegelijk zo magisch is het. “Boven staan negen dozen voor jullie klaar, van levende en dode schrijvers.” zegt Lara Taveirne. “Ga daarin op zoek naar een zin, een foto of een langere passage die jullie aanspreekt. Graaf diep genoeg en zet je bevindingen dan in alle vrijheid op papier.”

Het bewaren van het bewaren

Lynn kiest de doos van Benno Bernard, een Nederlandse dichter en essayist die ze niet kent. Daarin vindt ze brieven van Tom Lanoye en Jeroen Brouwers, die haar raken door de humoristische, oprechte toon. Lynn: “Bewust de tijd nemen om een brief te schrijven, om papier en een postzegel uit te zoeken – dat is toch echt iets anders dan snel een appje sturen. Het inspireerde me om een brief te schrijven aan een bevriende theatermaakster die de ups en downs van het creatieve proces goed kent.”

Xander vindt in de doos van Leonard Nolens een gedicht, ‘Vermoeidheid’, dat hij kan verbinden met de indrukken die hij opdeed in het Letterenhuis. Xander: “Enerzijds vind ik het prachtig hoe lang woorden bewaard blijven op zuurvrij papier. Anderzijds lijkt archiefwerk me vermoeiend, dat constante bewaren van het bewaren dat schrijven op zichzelf al is.” In zijn eigen gedicht verwoordt Xander het zo: “(…) de wij waar jij niet bij hoorde, werd moe/ van elkaar, van het elkaren van elkaar/ en jij vond troost in het verzwijgen van het verzwijgen (…)”

Tijdens de bespreking van de teksten met Lara Taveirne blijkt dat alle deelnemers een archiefsnipper vonden die hen triggerde.

Dat voorleesmoment vond ik magisch. Ik neem ook Lara’s woorden – ‘Doe vooral je eigen ding’ – mee van deze workshop. Ik hoor er een heerlijke geruststelling in om verder te gaan op mijn eigen pad. – Lynn

Benieuwd naar het resultaat van deze workshop? Deelnemer Sevdâ deelt haar tekst ‘De Antwerpse Minne, deelnemer Lili schreef ‘De passagevader’ en Xander Kindt liet zich met ‘in het kind’ inspireren door Leonard Nolens.

Op de hoogte blijven?

Wil jij meewerken aan een inclusievere boeken- en letterensector in Vlaanderen? Schrijf je dan nu in voor de nieuwsbrief en we houden je op de hoogte van alle kansen en projecten van Elk verhaal telt.